Brief aan onye vrienden

29 januari, 2010

Magere koeien en vette koeien: onze economische toekomst zal die zijn
die we met wijsheid ontwerpen.

Beste vrienden,

We hebben net de 25ste jaargedachtenis gevierd van pater Jerome, die op 29 januari 1985 is overleden. Voor degenen onder u die hem niet kennen, vindt u op onze website een paar teksten die hem tekenen. Pater Jerome (1907-1085) was monnik en priester van Sept-Fons; hij heeft aan onze generatie, fijngevoelig en doelbewust, weten door te geven wat hij ontvangen had. Het is aan hem te danken dat wij monnik zijn. Het eerste fragment, uit “Mijn politiek voor de huidige tijd”, biedt geen wonderbaarlijke oplossingen voor de actuele problemen: Het opent een deur, verplaats bezorgdheden, trekt de aandacht naar iets anders dan waar we spontaan aan denken. Het tweede fragment is een eerbetoon aan een monnik,. broeder Jacques, voor wie pater Jerome een grote bewondering had. Om deze teksten te lezen, hier klicken.

De winter is overal streng geweest. In Nový Dvůr is de put in de kloosterhof verdwenen onder een dikke sneeuwlaag en de kerststal onder het barokke voorportaal is regelmatig bedekt met een fijn wit vliesje dat hem een realistisch voorkomen geeft. In Sept Fons heeft een paar centimeters – een paar millimeters – sneeuw gelegen; tegenwoordig een zeldzaam verschijnsel; ik heb er een beetje mee gespot, want in Frankrijk was het ook hard. De natuur was ingedommeld. Momenten die gemaakt zijn om na te denken. Afgezien van het zorgen voor houtspaanders waarmee we ons verwarmen, is het werk minder drukkend, zijn er minder gasten, omdat de wegen slecht begaanbaar zijn. In de kerstbrief heb ik u geschreven dat we weldra beslissingen moeten nemen. Die zijn van een economische orde. De recente crisis heeft niet de dramatische gevolgen gehad die men vreesde, zelfs al hebben velen onder ons en bij onze families hun stijl van leven moeten bijstellen. Een professor in de economie is eind januari langs gekomen in het klooster. Hij heeft ons dit voorgehouden: “zoals een menselijk lichaam is de economie soms gezond, soms ziek; dat is normaal. Wat abnormaal is, is het ontbreken van vooruitziendheid aan onze kant. Toen Jozef aan de farao de komst van de zeven vette jaren en daarna van de zeven magere jaren aankondigde, stelde hij voor in die zeven eerste jaren reserves op te bouwen. Wij hebben twintig vette jaren gehad en in plaats van reserves op te bouwen hebben we schulden gemaakt. Wat gaan we doen in de magere jaren die er aan komen?”

Het eenvoudige leven waaraan de monniken gewend zijn, beschermt hen tegen de aantrekkingskracht van een veelheid van zaken die op het moment dat men ze bezit niet meer voldoen. Men moet elders zoeken. Dat is waar het monastieke leven ons tot leidt. Toch hebben die economische discussies hun plaats in onze gemeenschappen. Hoe organiseren we ons werk opdat we kunnen leven, onze gebouwen tenminste gedeeltelijk kunnen onderhouden, zonder dat zijn ritme het leven dat we leiden verstoort? De keuze van onze producten is belangrijk. Daar het gaat om kleine, zorgvuldige, handmatige producties zijn die natuurlijk duurder dan industriële producten. Maar we willen geen luxe hebbedingetjes produceren. Het gaat er om, in elk geval gedeeltelijk, te ontsnappen aan de spiraal waarin de westerse wereld terecht is gekomen. Ondanks die behoedzaamheid moeten we bouwen en onderhoud plegen.

In Nový Dvůr moeten muren opgetrokken worden. We overwegen om in de lente van 2011 een gebouw op stapel te zetten waarin de mosterd-werkplaats, een laboratorium, een kelder voor de groente uit de tuin en het fruit uit de boomgaard, een kleine werkplaats om ’s winters te kunnen werken, de kantoren van de keldermeesters en de accountant gehuisvest kunnen worden. Dat gebouw zal grotendeels gefinancierd worden uit de vruchten van eigen werk en door een bescheiden lening. Maar wat contant betaald moet worden zal al onze bronnen volledig uitputten. We vragen u dus, dit jaar en tijdens de bouw die op twee jaar is voorzien, bij te dragen aan het reilen en zeilen van de communiteit. Zonder u kunnen we er niet komen. Indien u meer over onze bouwprojecten wilt weten, schrijf ons dan. We zouden graag willen weten of we op u kunnen rekenen. Deze investeringen hebben geen ander doel dan de jonge mensen die zich in onze twee communiteiten aanbieden een geschikt kader te geven om een monastiek leven te leiden.

Gelukkig is een van de belangrijkste deugden die het monastieke leven je leert het geduld…. De bureaus in het scriptorium zijn allemaal bezet. We hebben er net nog vijf besteld. In het leslokaal zijn ook niet genoeg tafels! Zoveel te beter. Geen van deze uitgaven is groot, maar het een bij het ander opgeteld… Bij het klooster hebben we het afgelopen jaar een nieuwe garage kunnen bouwen. Belgische vrienden hebben ons een Fendt tractor, met alle hulpstukken nodig voor het hooien, gegeven die weliswaar 25 jaar oud is maar die het uitstekend doet. Het materiaal staat beschut en onze schapen voeden zich deze winter met fijn hooi. Anderen hebben ons een oude auto geschonken die goede diensten bewijst. Tussen het stookgebouw en de tuin bevindt zich een stuk braakland, modderig wanneer het regent, glad wanneer het sneeuwt, in elk geval weinig elegant. Onze bedoeling is er een steunmuur te bouwen, want het gaat om een hellend terrein, om langs die muur bomen te planten en tegen de muur een paar houten schuurtjes te plaatsen om het tuingereedschap, ander onderhoudsmateriaal voor buiten en de bijenstal onder te brengen. Het zal op onze manier elegant zijn en niet onnodig duur. Dat is het grootste project voor dit jaar. U kent de bouwprijzen: hoe men het ook wendt of keert, we hebben minstens 80.000 euro nodig. Tenslotte, vraagt broeder Andre – en hij onderstreept dat het hier om besparingen gaat – met aandrang aan de keldermeester om de aanschaf van een tweede hands graafmachine. Misschien heeft een van u er een in de garage staan! Dat zal ongeveer 14.000 euro kosten. De investering zal zich afbetaald hebben wanneer we de fundering van de werkplaats gerealiseerd hebben.

Een vierde van de communiteit van Nový Dvůr en de vier laatste broeders die het noviciaat begonnen zijn, zijn bekeerlingen. Dat geeft moed: God kan mensen roepen voor zijn dienst die niet langs de gewone wegen komen. Hoe zijn deze jonge mensen? Enthousiast en weifelachtig, gevoelig en angstig, gul en dikwijls met twee linkerhanden, volkomen ongedisciplineerd en toch verlangend om iets duurzaams te doen. Een van hen zei me laatst: ‘ik verwacht van u goedheid, maar meer nog flinkheid’. En een ander: ‘tot aan mijn tiende jaar heb ik een goede opvoeding gekregen in een christelijk gezin; maar naderhand, op school, heeft nooit iemand me iets opgelegd’. Deze jonge mensen zijn niet verantwoordelijk voor deze structurele fouten, maar wij kunnen ons niet onttrekken aan de verantwoordelijkheid waar deze situatie ons voor plaatst. Het klooster, zegt de heilige Benedictus, is een school ten dienste van de Heer. Deze jongeren moeten hun schoolboeken opnieuw ter hand nemen. En de Heer weet hoeveel dorst ze hebben!

Kort na Pasen zullen de priesters van het bisdom Plzen komen om met onze bisschop in het klooster het jaar van de heilige Jean-Marie Vianney te vieren. Ik zal er in mijn volgend rondschrijven op terug komen. En voor nu een goede vasten. Een vasten die al begonnen zal zijn wanneer u deze brief ontvangt. We rekenen op u en op uw gebed, u kunt rekenen op ons gebed.

Met vriendelijke groet
Br. M.-Samuel, prior


Mijn gedragsregel voor de huidige tijd


Herfst 2013
5 Juli 2013
10 maart 2013
Enkele weken voor Kerstmis 2012 
2 september 2012, Feestdag van de kerkwijding van Nový Dvůr
Pinksteren 2012
11 januari 2012
30 september 2011, feest van de heilige Hieronymus
1 mei 2011
2 september 2010
Mei 2010
Pinksteren 2009
Vasten 2009
Mei 2008
2 februari 2008
2 September 2007
5 juli 2007
2 September 2006
Mariaboodschap 2006
2 februari 2006
September 2005